Emotieregulatie speelt een belangrijke rol bij mentale gezondheid en welzijn, waaronder de beleving van pijn en beperking. Het procesmodel van emotieregulatie van Gross (2015) beschrijft een scala aan regulatiestrategieën, zoals situatieselectie en situatieverandering, aandacht verschuiven, de manier van denken veranderen, of de expressie en de ervaring van de emotie zelf beïnvloeden. Sommige strategieën zijn bij langdurig gebruik gunstiger, andere juist ongunstig. Dit model wordt uitgebreid besproken in de cursus gezondheidspsychologie voor de fysiotherapeut. Zie ook figuur 1.

Figuur 1: Emotiemodel van Gross, vertaald naar de fysiotherapie.
De meest aangeboden emotieregulatiestrategieën in therapie c.q. begeleiding van patiënten zijn cognitieve herwaardering en mindfulness.
Cognitieve herwaardering
Bij cognitieve herwaardering probeer je de gedachte over de situatie in gunstige zin te beïnvloeden, waardoor er minder negatieve emoties ontstaan. Het is een emotieregulatiestrategie die op verandering is gericht. Rationele Emotieve Therapie (RET) van Albert Ellis en cognitieve gedragstherapie (CGT) van Aaron Beck zijn hier voorbeelden van. Voor een uitgebreide inleiding in de RET zie het artikel RET voor fysiotherapeuten die werken met disfunctionele gedachten van de patiënt.
Mindfulness en acceptatie
Mindfulness daarentegen is een strategie die juist gericht is op het accepteren van datgene wat men waarneemt en beleeft. Daaronder vallen niet alleen zintuiglijke waarnemingen, maar ook de gedachten en emoties die men heeft. Men probeert deze gedachten en emoties, ook als ze niet prettig zijn, op een open, nieuwsgierige en niet-oordelende wijze waar te nemen, zonder ze te willen veranderen. Mindfulness-Based Stress Reduction (MBSR) valt hieronder, maar ook Acceptance and Commitment Therapy (ACT). We maakten een unieke set samenvattingen over mindfulness en fysiotherapie en over Acceptance and Commitment Therapy en fysiotherapie (ACT).
Fysiotherapie
Dysfunctionele gedachten leiden tot dysfunctionele gevoelens en gedragingen.
Voor de fysiotherapie geldt dat patiënten met disfunctionele (herstelbelemmerende) gedachten gebaat kunnen zijn bij begeleiding in de vorm van ‘anders tegen de situatie aan leren kijken’ of het ‘accepteren van’ de situatie en de bijbehorende gedachten en emoties. Veel fysiotherapeuten hebben scholing gevolgd om patiënten binnen een fysiotherapeutische context hierin te begeleiden.
Veranderen of accepteren?
Er bestaat al jarenlang discussie over de vraag of beide strategieën (verandering versus acceptatie) met elkaar te verenigen zijn, of elkaar juist tegenspreken en tegenwerken.
Voor het onderwijs bij Psychofysio hadden we al evidentie verzameld dat beide strategieën een plaats kunnen hebben binnen de fysiotherapeutische behandeling. We citeren daarbij onderzoek rond chronische vermoeidheid, waaruit blijkt dat cognitieve herwaardering enige verbetering geeft, maar deze verbetering al vrij snel afvlakt. Wanneer men op dat moment een op acceptatie gerichte benadering inzet, neemt het herstel weer verder toe. Dat hebben we vertaald naar een strategie die aansluit bij de beroemde Serenity Prayer van de Amerikaanse theoloog en ethicus Reinhold Niebuhr (1892–1971):
God, geef mij de kalmte om te aanvaarden wat ik niet kan veranderen,
de moed om te veranderen wat ik kan veranderen,
en de wijsheid om het verschil daartussen te zien.
De meeste problemen hebben in meer of mindere mate zowel veranderbare als onveranderbare aspecten. Dit geldt ook voor bijvoorbeeld chronische pijn.
Onderzoek
Het artikel van Simmons e.a. (2026), dat we hier bespreken, beschrijft een onderzoek dat zich precies op deze vraag richt: veranderen of accepteren.
Zij lieten 756 deelnemers zelfrapportagevragenlijsten invullen over de mate waarin zij cognitieve herwaardering en mindfulness gebruikten, en onderzochten de relatie met distress en piekeren. De bevindingen laten zien dat er vijf profielen bestaan wat betreft het gebruik of niet-gebruik van deze emotieregulatiestrategieën.
De algemene uitkomst was dat het gebruik van cognitieve herwaardering en mindfulness met elkaar gecorreleerd was. Dat wil zeggen dat veel mensen beide strategieën gebruiken. Tegelijkertijd hadden beide emotieregulatiestrategieën een uniek verklarend effect op stress en piekeren. Dit betekent dat beide technieken werkzaam zijn, maar ieder op een eigen, unieke wijze. Wat bijzonder interessant was, is dat de mensen die het meest gebruikmaakten van beide strategieën de beste mentale gezondheid hadden (minder distress en piekeren), terwijl de deelnemers die het minst gebruikmaakten van beide emotieregulatiestrategieën juist de slechtste uitkomsten hadden op het gebied van mentale gezondheid.
Opmerking samenvatter
Het is een opsteker dat de visie die wij hadden ten aanzien van veranderen of accepteren jaren later door wetenschappelijk onderzoek wordt bevestigd. Voor de fysiotherapeuten die onze scholing volgen, is dat ook een prettige gedachte. Belangrijker zijn uiteraard de implicaties die dit onderzoek heeft voor de praktijk van de fysiotherapeut. Rond sommige thema’s ontstaat weleens polarisatie, bijvoorbeeld in die zin dat het ene kamp zegt: ‘dat moet je nooit doen’ en het andere kamp zegt: ‘dat moet je altijd doen’. Wetenschappelijk gezien hebben beide kampen soms gelijk, maar dat komt vaak doordat onderzoeken verschillende invalshoeken of contexten hanteren.
Het huidige onderzoek laat mooi zien dat twee tegenovergesteld lijkende strategieën beide een plaats kunnen hebben binnen de behandelsetting: een op verandering gerichte strategie en tegelijkertijd een op acceptatie gerichte strategie. Dit past bij ideeën over flexibiliteit en wendbaarheid van systemen: doen wat nodig is.
De Rationele Emotieve Therapie (RET) komt als strategie terug in de vijfdaagse cursus Gezondheidspsychologie voor de fysiotherapeut. Mindfulness komt (zeer uitgebreid) terug in onze achtdaagse opleiding tot mindfulness-trainer binnen de fysiotherapeutische context: De mindful fysiotherapeut. Deze mindfulnessopleiding is uniek gericht op de fysiotherapeutische setting, sterk wetenschappelijk onderbouwd en rijk aan praktijkervaring. De opleiding werkt niet alleen positief uit voor de patiënt, maar ook voor de fysiotherapeut zelf.